Terwijl de oven voorverwarmde en Hanna vast wat afwaste, keek ze uit het ieniemienie dakraam in de keuken naar buiten. Het was lekker weer vandaag. De vogels waren druk bezig om een nest te bouwen in de grote boom achter het huis. In de zomer zat ze daar graag in de zon een boek te lezen. Mevrouw de Wit deed dan een kruiswoordpuzzel terwijl Hanna in één van haar thrillers was weggedoken. Ze was een held op sokken, maar vond het heerlijk om over enge mannen en dappere vrouwen te lezen. Het moest echter niet te dicht bij huis komen; ze had een keer een boek gelezen waarbij de hoofdpersoon precies leek op één van haar oude buren, toen ze nog in haar studentenstad woonde. Sinds ze dat boek had gelezen liet dat beeld haar maar niet los. Ze had zelfs een schuifslot aan de binnenkant van haar deur geïnstalleerd, mocht de buurman besluiten om in te breken en haar met het keukenmes te fileren. Ze rilde bij de herinnering en probeerde die weer van haar af te schudden. De buurman was gelukkig nooit binnengekomen en geen van haar huidige buren leek op Kees Kaasschaaf, zoals ze de hoofdpersoon van dat boek genicknamed had.
Toen de Brownie in de oven stond, liep ze door het kleine gangetje terug naar vriendinnen. Het was nog steeds stil. “Toch is ie homo,” begon Bo terwijl ze naar Hanna’s collage stond te kijken. “Ik weet het zeker! Kijk naar wat hij aanheeft! Geen normale jongen loopt toch nu nog in overhemden met spencers? En dan die nette schoenen! Lekker hip…”. Op dat moment ging de bel en begon Hanna aan het derde tripje richting voordeur.
vrijdag 7 augustus 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten